Deelonderzoek Bereikbaarheid op Peil: bereikbaarheidsdoelen in regio’s Input voor nieuwe visie op bereikbaarheid

Bereikbaarheid op Peil

Door schaarse ruimte en beperkte financiële middelen staat de bereikbaarheid van voorzieningen in Nederland onder druk. Om de bereikbaarheid op orde te houden en waar nodig te verbeteren, werkt het ministerie van Infrastructuur & Waterstaat aan een fundamenteel andere manier van kijken naar bereikbaarheid. Als belangrijke input voor die nieuwe visie, verkende Goudappel samen met Rebel hoe integrale bereikbaarheidsdoelen in de regio doorwerken en wat dat vraagt van Rijksbeleid.

Bereikbaarheid op Peil

De afgelopen jaren nam de aandacht voor brede welvaart en verminderde bereikbaarheid van verschillende regio’s toe. Als antwoord op diverse moties over bereikbaarheidsdoelen in de Tweede Kamer, kwam IenW in 2025 met ‘Bereikbaarheid op Peil’, een nieuw kabinetsstandpunt voor bereikbaarheid. 

Hierin wordt niet langer alleen gekeken naar mobiliteit maar naar bereikbaarheid: de mate waarin mensen en goederen in staat zijn om voor hen belangrijke bestemmingen binnen een bepaalde tijd, kosten en moeite te kunnen bereiken. Onderdeel van deze nieuwe visie is het opstellen van integrale bereikbaarheidsdoelen, die moeten helpen om bereikbaarheid te behouden en waar nodig te verbeteren.

Beginpunt: integrale bereikbaarheidsdoelen

Als input voor deze nieuwe visie, verkenden we eerder samen met Rebel drie mogelijke integrale bereikbaarheidsdoelen:

  1. Basisniveau bereikbaarheid voor iedereen (sufficiëntarisme): iedereen in Nederland kan vitale functies binnen acceptabele reistijd, kosten en moeite bereiken. Dit bereikbaarheidsdoel wordt gekoppeld aan sociaal-maatschappelijke opgaven, waarbij voor iedereen in Nederland een minimale bereikbaarheid geldt.
  2. Maximaliseren bereikbaarheid binnen brede welvaart (utilitarisme): streven naar verbeteren van de bereikbaarheid en het vergroten van het aantal bereikbare banen, vitale functies en sociale contacten, binnen de kaders van brede welvaart. Dit bereikbaarheidsdoel zoekt de balans tussen maximaliseren van de bereikbaarheid voor een zo groot mogelijke groep en beperken van de negatieve effecten zoals ongelukken en emissies.
  3. Bereikbaarheid verbeteren waarbij verschillen tussen gebieden worden verkleind (egalitarisme): het streven om bereikbaarheid van vitale functies te verbeteren om de verschillen in de bereikbaarheid tussen gebieden te verminderen. Dit bereikbaarheidsdoel wordt gekoppeld aan een ruimtelijk-geografische opgave.

Doorwerking bereikbaarheidsdoelen in 3 regio’s

Om deze benaderingen verder te testen, onderzochten we met Rebel hoe regionale overheden kijken naar integrale bereikbaarheidsdoelen. Dit deden we met drie casusregio’s, geselecteerd door IenW: 

  • Metropoolregio Rotterdam-Den Haag (MRDH)
  • Parkstad Limburg
  • Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen (GMR)

In meerdere werksessies met deze regio’s, het ministerie, koepelorganisatie InterProvinciaal Overleg (IPO) en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), beantwoordden we de volgende vragen:

  1. In welke mate zijn regio’s zelf al bezig met bereikbaarheidsdoelen?
  2. Welke uitdagingen komen ze hierbij tegen en hoe gaan ze daar mee om?
  3. Hoe kijken ze aan tegen de verdere ontwikkeling van bereikbaarheidsdoelen, zowel op regionaal als nationaal niveau?
  4. Wat leren we hiervan ten aanzien van de bruikbaarheid van bereikbaarheidsdoelstellingen in het beleid en de hanteerbaarheid in het proces van besluitvorming met medeoverheden?

Opgehaalde aandachtspunten

Tijdens onze sessies bleek dat men al werkt aan bereikbaarheidsdoelen, al is het in verschillende mate: de ene regio stuurt meer op bereikbaarheid van economische toplocaties, terwijl de andere regio focust op het vergroten van bereikbaarheid om gezondheid van inwoners te verbeteren. Welke voorzieningen als relevant worden gezien, hangt af van de uitdagingen die spelen. 

Alle drie de regio’s zien meerwaarde in het nieuwe perspectief op bereikbaarheid waarbij er aandacht is voor de nabijheid van voorzieningen en de mate waarin het mobiliteitssysteem mensen in staat stelt bepaalde voorzieningen te bereiken. Men ziet ook aandachtspunten, zoals het belang van aandacht voor verschillende bereikbaarheidsniveaus, vervoerwijzen en onderscheid tussen doelgroepen. Zo lijkt één landelijke norm niet wenselijk, vanwege opgaven die regionaal verschillen en behoefte aan ruimte voor uitzonderingen.

voorzieningen bereikbaarheid op peil

Onderzoek naar welke voorzieningen mensen relevant en belangrijk vinden om te bereiken (links: KiM, rechts: Populytics)

Beschrijving van deze afbeelding

De afbeelding bevat twee grafieken over de bereikbaarheid van voorzieningen.

Linker grafiek (Bron: KiM): "Welke voorzieningen vinden mensen relevant om te bereiken?" 
Deze horizontale staafdiagram toont de mate van relevantie in drie categorieën: Relevant, Matig relevant en Niet relevant.

  • Meest relevant: De supermarkt en de huisarts scoren het hoogst (beiden boven de 80% relevantie), gevolgd door het ziekenhuis (circa 70%) en werk (circa 65%).
  • Minst relevant: Voorzieningen zoals MBO-scholen, kinderopvang en HBO/WO scoren het laagst op algemene relevantie (allen onder de 20%).
  • Middenmoot: Natuur, horeca, treinstations en bus-/tramhaltes worden door ongeveer 40% tot 55% van de mensen als direct relevant bestempeld.

Rechter grafiek (Bron: Populytics): "Welke voorzieningen vindt men het belangrijkst?" 
Deze gestapelde staafdiagram toont de prioriteit (ranking van 1 tot 8) die mensen geven aan voorzieningen.

  • Ziekenhuis: Wordt door 45% van de respondenten op de eerste plek gezet.
  • Huisarts: Staat bij 22% op de eerste plek en bij 47% op de tweede plek. Hiermee is zorg de absolute prioriteit.
  • Basisschool: Wordt door 17% als belangrijkste voorziening gezien.
  • Supermarkt: Hoewel zeer relevant in de linker grafiek, staat deze slechts bij 10% op de eerste plek; de meeste mensen plaatsen de supermarkt op de derde plek (33%).
  • Lage prioriteit: Sportplaatsen en pinautomaten worden het vaakst als minst belangrijk (plek 7 of 8) gerankt.

Belang van anders kijken en meer samenwerking

Werken aan bereikbaarheidsdoelen heeft alleen zin wanneer we in samenhang kijken naar woningbouw, infrastructuur, ov en voorzieningenaanbod. Denk aan het ontwikkelen van woningen vlakbij banen, onderwijs en zorg of het plaatsen van extra voorzieningen bij bestaande woongebieden. Met andere woorden: voorzieningenaanbod en ruimtelijke ontwikkeling moeten onderdeel zijn van de oplossingsruimte om bereikbaarheid te verbeteren. Dat vraagt van Rijk en regio om nauwer samen te werken, waarbij verschillende disciplines betrokken zijn. 

Advies voor het werken aan bereikbaarheidsdoelen

Alle inzichten vatten we samen tot 3 adviezen:

  1. Werk met streefwaarden per categorie voorzieningen (in plaats van harde normen)
    Voor sommige voorzieningen (zorg, supermarkt en onderwijs) accepteren mensen andere reistijden dan voor andere voorzieningen (banen en recreatie). Hier zitten verschillen in tussen regio’s en stedelijk en landelijk gebied. Streefwaarden per type voorziening werken daarom beter dan harde normen. Ook vraagt dit om een verdere verdieping naar doelgroepen met onderscheid naar o.a. leeftijd/levensfase en inkomen.
     
  2. Stel bereikbaarheidsdoelen vast aan de hand van drie brede maatschappelijke opgaven
    Onderzoek laat zien dat door verschraling van het ov-aanbod in voornamelijk landelijke regio’s, de bereikbaarheid van voorzieningen daar afneemt. Keer deze trend door bereikbaarheidsdoelen te koppelen aan brede opgaven, zoals:
    1. Toegang voor iedereen: bereikbaarheid die bijdraagt aan een samenleving waarin iedereen belangrijke voorzieningen en werk kan bereiken binnen acceptabele tijd en kosten.
    2. Sterke en leefbare regio’s: stuur op bereikbaarheidskansen en uitdagingen per regio vanuit de visie dat ‘Elke regio telt’. Bekijk bereikbaarheidsopgaven in samenhang met andere brede welvaartopgaven.
    3. Nederland beter verbonden: koppel het functioneren van hoofdnetwerken aan de gewenste ruimtelijke-economische structuur van Nederland. Hoe goed willen we dat regio's in Nederland onderling en met het buitenland verbonden zijn en wat betekent dat voor de gewenste reistijd, betrouwbaarheid en capaciteit van de hoofdnetwerken. 
       
  3. Geef de transitie naar bereikbaarheidsdoelen vorm met een pragmatische aanpak 
    De omslag van knelpunt-denken naar sturen op bereikbaarheid is een serieuze transitie die tijd kost. Om deze in gang te zetten adviseren we om te starten met werken aan data, en gezamenlijke taal. Denk aan eenduidige definities van voorzieningen en gebieden en streefwaarden voor basisvoorzieningen en banen. Ook zou bereikbaarheid onderdeel moeten zijn van MIRT- en NOVEX-trajecten. 

    Vervolgens is het zaak om de samenwerking tussen Rijk en regio goed te organiseren, met bijv. een gezamenlijk ‘bereikbaarheidslaboratorium’ om oplossingen te onderzoeken, maatwerkpakketten per regio en heldere procesregels. Ons advies aan het Rijk is om te zorgen voor de randvoorwaarden die hiervoor nodig zijn, zoals:
    1. Actieve samenwerking tussen departementen en afdelingen
    2. Richtinggevende basiskeuzes voor gebiedsaanpakken
    3. Formuleren van een ‘niet-slechter’-ambitie: nieuw overheidshandelen mag de bereikbaarheid niet slechter maken
    4. Uitkomsten van regiopakketten laten doorwerken in de MIRT-systematiek, zodat bereikbaarheidswinst of – verlies meeweegt in besluitvorming over grote investeringen
Bereikbaarheidscategorieën op hoofdlijnen.png

Voorbeelduitwerking van categorieën voorzieningen met bijbehorende acceptabele reistijden per vervoerswijze

Omschrijving van deze afbeelding

Deze illustratie toont een schematisch netwerk van verschillende voorzieningen en de manier waarop deze bereikbaar zijn via transportverbindingen (spoor, water, weg). De informatie is onderverdeeld in vier hoofdcategorieën:

1. Goederen

  • Focus: Hoe betrouwbaarder de reistijd, hoe beter.
  • Vervoerswijzen: Spoor, water en weg.

2. Basisvoorzieningen (Centraal groen vlak)

  • Nabijheid: Ten minste 1, 2 of 3 voorzieningen bereikbaar binnen 15 minuten.
  • Lokaal vervoer: Lopen en fietsen binnen de stad. Buiten de stad ook openbaar vervoer (OV) en auto.
  • Regionaal vervoer (15-45 min): Fietsen, OV, ketenmobiliteit en auto.

3. Werk & Agglomeratiekracht (Roze vlakken)

  • Focus: Hoe meer banen bereikbaar zijn, hoe beter.
  • Reistijd: Onderverdeeld in zones van 15-60 minuten en 60-120 minuten.
  • Regionaal vervoer: Fietsen, OV, ketenmobiliteit en auto.
  • Interregionaal vervoer: OV, ketenmobiliteit en auto.

4. Overige voorzieningen (Blauw vlak)

  • Nabijheid: Ten minste 1, 2 of 3 voorzieningen bereikbaar. Hoe meer, hoe beter.
  • Reistijd: 15-60 minuten.
  • Vervoerswijzen: Fietsen, OV, ketenmobiliteit en auto.

De afbeelding visualiseert dit door middel van een centraal wooncluster (groen) dat via diverse lijnen verbonden is met iconen voor onderwijs, zorg, winkels, sport, horeca en werklocaties.

Verdere uitwerking Bereikbaarheid op Peil

Onze adviezen waren belangrijke input voor de vervolguitwerking van Bereikbaarheid op Peil, dat uiteindelijk de volgende aanpak is geworden: 

  1. Stap 1: Signaleren
    IenW peilt de bereikbaarheid met het Nationaal Bereikbaarheidspeil (een burgerraadpleging om acceptabele reistijden per voorziening op te halen en een analyse van de huidige reistijden).
  2. Stap 2: Adresseren
    Met integrale bereikbaarheidsanalyses per MIRT-regio (Noord, Oost, Zuid, Zuidwest en Noordwest) wordt achterhaald wat er moet gebeuren om een goede bereikbaarheid te garanderen.
  3. Stap 3: Acteren
    De uitkomsten van deze analyses worden gebruikt om bereikbaarheid gericht te verbeteren, werken Rijk en regio samen aan maatwerkbeleid voor mobiliteit, ruimtelijke ordening en voorzieningen.

Vervolg: regionale bereikbaarheidsanalyses

Bereikbaarheid op Peil is in 2025 gepresenteerd aan de Kamer. De vijf MIRT-regio’s hebben nu de opdracht om de bereikbaarheid van voorzieningen in hun regio inzichtelijk te maken met integrale, regionale bereikbaarheidsanalyses. De uitkomsten van deze analyses helpen regio’s om samen met het Rijk keuzes te maken voor gerichte verbeteringen. 

Aan de slag met deze bereikbaarheidsanalyses? Ontdek hoe we helpen

In samenwerking met Rebel

Opdrachtgever: Ministerie van Infrastructuur & Waterstaat 
Jaar: 2025