Stap voor stap naar één systeem voor publieke mobiliteit
Hoe zorgen we ervoor dat openbaar vervoer, flexvervoer en doelgroepenvervoer als één systeem voor de reiziger gaan werken? Die vraag stond centraal in een onderzoek voor het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Goudappel onderzocht samen met CoMobiliteit en betrokken welke afspraken en voorwaarden daarvoor nodig zijn. Het resultaat is een gezamenlijk opgebouwde routekaart die IenW en andere partijen in de sector helpt om samen, fase voor fase, publieke mobiliteit dichterbij te brengen.
Meer samenhang tussen verschillende vormen van vervoer
Publieke mobiliteit draait om een eenvoudig idee: verschillende vormen van vervoer zo met elkaar combineren en integreren dat alle reizigers makkelijker van deur tot deur kunnen reizen. Denk aan trein, bus en tram, maar ook aan flex-ov, Wmo-vervoer en Valys (bovenregionaal doelgroepenvervoer). Als die systemen beter samenwerken, kan het aanbod beter aansluiten op wat reizigers nodig hebben. Tegelijkertijd kunnen overheden voertuigen, chauffeurs en budgetten slimmer inzetten.
Maar hoe organiseer je zo’n systeem in de praktijk? Het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat vroeg Goudappel en CoMobiliteit om te onderzoeken wat partijen gezamenlijk moeten regelen en welke afspraken opdrachtgevers van vervoer kunnen opnemen in hun contracten.
Kijken naar wat in de praktijk werkt
Publieke mobiliteit raakt veel verschillende partijen. Daarom baseerden we het onderzoek niet alleen op documenten en beleid, maar vooral ook op ervaringen uit de praktijk. We spraken met onder andere provincies, gemeenten, ministeries, vervoersorganisaties en kennispartijen. Daarbij betrokken we zowel regio’s die al stappen zetten richting publieke mobiliteit, als regio’s die nog aan het begin staan.
We onderzochten welke voorwaarden nodig zijn om vervoersvormen beter te verbinden en welke knelpunten daarbij kunnen ontstaan. Ook gebruikten we lessen uit het openbaar vervoer, doelgroepenvervoer, datastandaardisatie en eerdere ontwikkelingen zoals MaaS. Zo ontstond geen theoretisch eindbeeld, maar een gezamenlijk opgebouwd handelingsperspectief, gebaseerd op gedeelde inzichten uit beleid, uitvoering en praktijk.
Vier gezamenlijke fases richting publieke mobiliteit
Het onderzoek resulteerde in een routekaart met vier fases. Deze routekaart is niet bedoeld voor één individuele gemeente, provincie of andere opdrachtgever. De fases vragen juist om samenwerking tussen IenW, decentrale overheden, vervoerders, kennispartijen en andere betrokken organisaties in de sector. Niet iedere partij heeft in elke fase dezelfde rol, en onderdelen kunnen in verschillende snelheden en deels parallel worden opgepakt.
- Fase 1. Samen de koers bepalen en regie organiseren
Partijen werken toe naar een gedeeld doelbeeld en maken afspraken over samenwerking, verantwoordelijkheden en regie. Zo ontstaat een gezamenlijke richting voor de verdere ontwikkeling van publieke mobiliteit. - Fase 2. Samen de basis op orde brengen
Een goed werkend systeem vraagt om gedeelde definities, standaarden, monitoring en een gezamenlijke feitenbasis. Daarmee kunnen partijen dezelfde taal spreken en prestaties beter vergelijken. - Fase 3. Meer samenhang in de keten bouwen
Vervolgens kunnen partijen onderdelen als plannen, boeken, betalen, reisinformatie, toegankelijkheid en contractafspraken beter op elkaar laten aansluiten. Juist hier wordt de verbetering voor de reiziger steeds concreter zichtbaar. - Fase 4. Samen groeien naar één mobiliteitssysteem
Op langere termijn kunnen openbaar vervoer, flex-ov en doelgroepenvervoer steeds meer als onderdelen van één publieke structuur functioneren. Ook het uitwisselen van bijvoorbeeld reisrechten en indicaties kan daarin een rol spelen.
Niet alles hoeft tegelijk
Een belangrijke conclusie uit het onderzoek is dat publieke mobiliteit geen verandering is die in één keer kan worden ingevoerd. Regio’s verschillen in opgaven, organisatie en tempo. Ook hoeft niet iedere overheid of andere betrokken partij in elke fase op hetzelfde moment dezelfde stap te zetten.
De kracht zit juist in het gezamenlijk optrekken waar dat nodig is, en ruimte laten voor verschillen waar dat kan. Door ervaringen te delen, voort te bouwen op wat elders al werkt en succesvolle oplossingen verder te brengen, hoeft niet iedere regio opnieuw het wiel uit te vinden. Zo ontstaat stap voor stap meer samenhang en uniformiteit in de sector.
Publieke mobiliteit: van mobiliteitsvraagstuk naar haalbare oplossing
Publieke mobiliteit inzetten als strategisch instrument voor bereikbaarheid, inclusie en duurzaamheid. Een stapsgewijze aanpak naar concrete maatregelen.
Lees meer
Van ambitie naar een gezamenlijke aanpak die werkt
Goudappel helpt overheden en andere partijen om publieke mobiliteit concreet te maken. We verbinden kennis van openbaar vervoer en doelgroepenvervoer met expertise op het gebied van organisatie, contractering en samenwerking. Daarmee helpen we om gezamenlijke ambities te vertalen naar duidelijke rollen, uitvoerbare afspraken en fases die de sector samen verder brengen.
Opdrachtgever: Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat
In samenwerking met: CoMobiliteit, Nico van Paridon
Jaar: 2025–2026