Modelberekeningen verkenning regionale bereikbaarheid

26 september 2019

Voor het ‘Central Innovation District’ (CID) en de Binckhorst in Den Haag ligt er een ambitieuze bouwopgave. De ambitie is om in dit hoogstedelijke gebied een gevarieerd woon- en werkmilieu tot 2040 ten minste 24.000 extra woningen en 30.000 arbeidsplaatsen te realiseren. Voorwaarde daarbij zijn duurzame verstedelijking en een goede bereikbaarheid van CID-Binckhorst en de regio. Goudappel Coffeng voerde modelberekeningen uit om de regionale bereikbaarheid te verkennen.

De duurzame verstedelijking en goede bereikbaarheid is alleen mogelijk als er in het gebied een mobiliteitstransitie plaatsvindt waarbij vol wordt ingezet op de versterking van het OV, langzaam verkeer, parkeren, smart mobility en slim ruimtegebruik om het autogebruik terug te dringen.

Verkenning alternatieven
Doel van de verkenning is het opstellen en tegen elkaar afzetten van verschillende mobiliteitsalternatieven voor CID Binckhorst. Goudappel voert in het kader hiervan de  modelberekeningen uit in opdracht van Witteveen+Bos. Sander Schoorlemmer, adviseur Verkeersprognoses: “Doel van de verkenning is het opstellen en tegen elkaar afzetten van verschillende mobiliteitsalternatieven voor CID-Binckhorst. Onze inhoudelijke experts hebben tevens meegedacht bij het opstellen van mobiliteitsalternatieven en de vertaling hiervan naar modelinvoer.

Alle alternatieven kennen een sterk basispakket aan mobiliteitsmaatregelen en onderscheiden zich vooral op het type ov-systeem dat de Binckhorst gaat bedienen. Volstaat een lokale HOV-tram of is een regionale lightrailverbinding meer toekomstproof?”

Een aantal van de bedachte alternatieven zijn doorgerekend met het multimodale verkeersmodel (V-MRDH) van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag. Met dit door Goudappel ontwikkelde model kunnen onder andere de effecten op de verschillende voor- en natransportcombinaties en het gebruik van de e-bike worden bekeken. De uit het model volgende intensiteiten, reistijden en bereikbaarheidskaarten zijn gebruikt om de alternatieven onderling te vergelijken binnen de indicatoren van het afweegkader. “Doel is om op basis hiervan op termijn te komen tot een gedragen voorkeursalternatief door stad en regio,” aldus Sander Schoorlemmer.

 
  

Opdrachtgever: Witteveen+Bos
Jaar: 2019