Mobiliteitstransitie: de aanpak van maatschappelijke vraagstukken via duurzaam en toegankelijk vervoer

De mobiliteitstransitie draait om het anders invullen van vervoer om zo toe te werken naar een aantrekkelijkere stad voor iedereen. Wandelen, fietsen, het openbaar vervoer, MaaS en deelmobiliteit verkleinen de rol van de auto. Door de inzet op alternatieve reisvormen vergroot u de leefbaarheid, bereikbaarheid en duurzaamheid van uw gemeente. Als goed hulpmiddel richting een mobiliteitstransitie gelden 5 oriënterende stappen.

Mobiliteitstransitie in het kort:

  • Mobiliteitstransitie is de overstap van de auto (met brandstofmotor) als primair vervoermiddel naar een schonere en toegankelijke mobiliteitsmix.
  • In de mobiliteitstransitie is er meer ruimte voor wandelen, fietsen, het openbaar vervoer, MaaS (Mobility as as a Service) en (elektrische) deelmobiliteit.
  • Via de mobiliteitstransitie kunnen maatschappelijke doelen als sociale inclusiviteit en CO2-reductie worden behaald, waarmee het bijdraagt aan de leefbaarheid, bereikbaarheid en duurzaamheid van uw gemeente.
  • Als goed hulpmiddel richting een mobiliteitstransitie gelden 5 oriënterende stappen.
  • Verkeersmodellen zoals OmniTRANS Horizon kunnen helpen bij het inzichtelijk maken van de effecten van de mobiliteitstransitie.

Mobiliteitstransitie: het bereiken van maatschappelijke doelen via een andere inzet van vervoer

Vervoer en mobiliteit concentreerden zich lang op de inzet van de auto. Bij infrastructurele beslissingen in gemeenten stond het oude knelpunt denken (met economische bereikbaarheid als speerpunt) voorop. Een gemeente die klaar is voor de toekomst houdt bij vervoer en mobiliteit veel meer rekening met grotere maatschappelijke thema’s:

  • Duurzaamheid en klimaat: verlagen CO2-uitstoot
  • Ruimtelijke kwaliteit
  • Leefbaarheid en gezondheid: meer groen, ruimte voor recreatie, minder geluidsoverlast, betere luchtkwaliteit
  • Bereikbaarheid: minder files en parkeerdruk
  • Sociale inclusiviteit: mobiliteit moet bereikbaar zijn voor alle bevolkingsgroepen
  • Veiligheid: lagere maximumsnelheden (bijv. van 50 naar 30 km/u)

De mobiliteitstransitie kan bijdragen aan de brede welvaart: de vertrouwde auto, autowegen en parkeerplaatsen maken plaats voor een mobiliteitsbeleid waarin aanzienlijk meer ruimte is voor wandelen, fietsen, het openbaar vervoer, MaaS en (elektrische) deelmobiliteit. Wijken worden groen en autoluw, waarin alle lagen van de bevolking zich makkelijk verplaatsen.

De effecten van de mobiliteitstransitie: een gezonde, schone, bereikbare en leefbare gemeente

  • Het RIVM becijferde dat de helft van de Nederlandse volwassenen te zwaar is. Meer beweging kan helpen om de BMI (body mass index) te verlagen. Volgens het Fietsberaad leidt 10% meer fietsgebruik bovendien tot een afname van 1,5% bewegingsarmoede.
  • In hun Menukaart Duurzame Mobiliteit stelden de provincies Noord-Holland en Flevoland 20 maatregelen op die moeten bijdragen aan een flinke CO2-reductie. Belangrijke manieren waarmee mobiliteit kan bijdragen aan de klimaatdoelen van de provincies zijn onder meer:
    • het stimuleren van actieve mobiliteit (tot 30 kton CO2-reductie
    • autoluwe zones (tot 40 kton)
    • intelligente transportsystemen (tot 139 kton)
    • deelauto’s en MaaS (tot 128 kton)
    • lagere parkeernormen (tot 159 kton)
  • Ook CROW becijferde de effecten van maatregelen zoals parkeernormen, multimodale hubs, elektrische deelauto’s en fietsmaatregelen.
  • Voor de CO2-reductie op mobiliteitsvlak ontwikkelde Goudappel het dashboard ‘Uitstoot van Mobiliteit’. In het dashboard kunt u zien hoeveel CO2 uw provincie of gemeente uitstoot als het gaat om mobiliteit, inclusief hoe u die uitstoot mogelijk kunt beperken.
  • Deelautogebruik leidt tot naar schatting 11% minder CO2-uitstoot per autodeler op jaarbasis, berekende het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM). Onderzoek van het PBL, het Planbureau voor de Leefomgeving stelt dat autodelen leidt tot minder autobezit per huishouden en minder afgelegde autokilometers. Volgens CROW gaat het om tot wel 20% minder kilometer
Mobiliteitstransitie

In 5 stappen richting een mobiliteitstransitie

Een goed hulpmiddel bij het bepalen van een strategie is het zogenoemde ‘lagenmodel’. Het bestaat uit 5 stappen:

Lagenmodel

Het zogenoemde ''lagenmodel''

1. Verstedelijkingskeuzes

Een belangrijke stap in de mobiliteitstransitie is de locatiekeuze bij gebiedsontwikkeling. Bouwt u midden in de stad, of juist aan de rand? En aan welke kant? Grote afstanden tot de belangrijkste voorzieningen kunnen meer autoverkeer veroorzaken. Maar gebiedsontwikkeling in de binnenstad kan weer leiden tot meer forensenverkeer naar en vanuit het stadshart.

2. Vraagbeïnvloeding

Als gemeente kunt u het gebruik van bepaalde vervoersvormen stimuleren. Een fiscale stimulans kan een goede manier zijn van beleid voeren.

3. Multimodale netwerken

Breng in kaart hoe het multimodale netwerk in uw gemeente eruitziet. Met andere woorden: is het voor de meeste inwoners makkelijk om het openbaar vervoer te pakken? En hoe zit het met de fiets en de auto? En vooral: zijn er voldoende hoogwaardige alternatieven voor de auto?

4. Hubs en mobiliteitsservices

Inventariseer in hoeverre inwoners gebruik (kunnen) maken van deelvervoer, zoals een fiets, elektrische scooter of deelauto. Zijn er hubs beschikbaar, waar bevinden die zich en welk deelvervoer wordt er aangeboden?

5. Inrichting openbare ruimte

Analyseer tot slot de openbare ruimte. Is deze ingericht voor de fiets of juist voor de auto? En hoe is het gesteld met het aantal parkeerplaatsen? De trend in binnensteden en nieuwe woonwijken is om de parkeerdruk te verlagen. Minder plek voor de auto zou moeten leiden tot minder gebruik van de auto.

Mobiliteitstransitie denkend vanuit de mens

De 5 stappen in het lagenmodel concentreren zich op het mobiliteitssysteem, maar u kunt ze ook doorlopen met de reiziger als uitgangspunt. De strategie voor uw mobiliteitstransitie bepaalt u dan op basis van hun reisgedrag:

  1. Ga ik reizen en waarheen?
  2. Met welke vervoerswijze? 
  3. Uiteindelijke verplaatsingen
  4. Via welke route?
  5. Hoe laat ga ik reizen?

Strategieën ten aanzien van de mobiliteitstransitie

De 5 bovenstaande stappen brengen u naar een strategie ten aanzien van uw mobiliteitstransitie. Er zijn grofweg 3 strategieën die u kunt volgen:

1. Mobiliteitsgroei remmen en spreiden
Spreiden: Hier draait het vooral om het stimuleren van reizen buiten de spits, en met andere vervoermiddelen dan de auto, zoals de fiets en OV. Mobility as a Service (MaaS), een breed aanbod van openbare vervoers- en deelmobiliteitsdiensten op één app of platform, maakt het voor reizigers makkelijker vervoermiddelen naar eigen inzicht te gebruiken en combineren.

Remmen: het stimuleren van thuiswerken is een goede manier om de mobiliteitsgroei te remmen. Het is vanzelfsprekend ook mogelijk om alleen de groei van bepaalde mobiliteitsvormen te remmen, zoals het autogebruik.

2. Veranderen van mobiliteit / modal shift
De verandering van de vervoerswijze vormt de basis voor de mobiliteitstransitie. Verplaatsingen zullen er altijd zijn, maar met welk vervoermiddel doen we dat? Traditionele verkeersmodellen zijn steeds minder goed in staat om het veranderende verplaatsingsgedrag te verwerken. Goudappel werkt daarom aan een toekomstproof verkeersmodel dat het wél kan: OmniTRANS Horizon
.

3. Mobiliteitsontwikkeling faciliteren
Het faciliteren van de mobiliteitsontwikkeling draait vooral om de ontwikkeling van netwerken. Is de infrastructuur aanwezig om meer mensen ook echt via openbaar vervoer, fiets en hubs te laten reizen? Goudappel maakt het inzichtelijk aan de hand van een
multimodaal verkeersmodel.

Mobiliteitstransitie

Uw rol als overheid in de mobiliteitstransitie

Het is belangrijk om als overheid een actieve rol aan te nemen in de mobiliteitstransitie in uw gemeente. Met de mobiliteitstransitie heeft u immers maatschappelijke doelen voor ogen. Uw taken zijn als volgt:

1. Beleidsvorming

Het maatschappelijk belang vertalen naar beleid op basis van concrete doelstellingen.

2. Het samenbrengen van partijen

Een mobiliteitstransitie realiseren kunt u niet alleen. U heeft onder meer te maken met de bewoners in uw gemeente, maar ook met werkgevers, projectontwikkelaars, mobiliteitsaanbieders en andere partijen. Uw taak is het vaststellen van gemeenschappelijke doelen.

3. Het stimuleren van innovaties en achterblijvers

Innovaties (zoals mobiliteitshubs en deelmobiliteit) vragen om een steuntje in de rug. Door middel van financiële prikkels of regulering kunt u daar aan bijdragen. Naast de voorlopers en innovators is het ook uw taak om de achterblijvers een duwtje in de rug te geven.

Praktijkvoorbeelden mobiliteitstransitie

Gemeente Utrecht: de ontwikkeling van de Merwedekanaalzone

De nieuwe Utrechtse stadswijk Merwede moet over een aantal jaar uit duizenden woningen bestaan. De Domstad kan die groei alleen aan als de nieuwe inwoners anders gaan reizen. Er is minder plek voor de auto. De gemeente beperkt het aantal parkeerplaatsen tot 0,3 per woning, maar doet meer. Een mobiliteitshub zal een spilfunctie in de nieuwe wijk vervullen. Daar komt al het openbaar en deelvervoer samen. Een online platform stimuleert het delen van vervoermiddelen in Merwede. De mobiliteitstransitie in de wijk volgt het STOMP-ordeningsprincipe. Kortom: voetgangers, fietsers, het openbaar vervoer en deelmobiliteit krijgen de ruimte. Net als het groen. Goudappel is nauw betrokken bij de plannen voor de Merwedekanaalzone.

Gemeente Haarlem: nieuwbouw op strategische locaties

De Gemeente Haarlem breidt uit. Een grote opgave voor Haarlem is het bepalen van geschikte locaties voor haar nieuwbouwprojecten. Bouwen aan de westzijde van de stad zou bijvoorbeeld betekenen dat veel verkeer door de stad richting bijvoorbeeld Amsterdam of Utrecht zou reizen. Goudappel gaf met behulp van zijn innovatieve verkeersmodellen advies bij de verstedelijkingskeuze.

Amsterdam Overhoeks: nieuwe wijk, aanpassing van de verkeersstromen

Al bijna twee decennia bouwt Amsterdam op het vroegere Shell-terrein aan de wijk Overhoeks. Als het gebied aan het IJ in Amsterdam-Noord rond 2026 af is, biedt Overhoeks plek aan wonen, werken en uitgaan. De nieuwe wijk vraagt om een flinke aanpassing van de verkeersstromen. Goudappel keek hoe o.a. openbaar vervoer, auto, fiets en pont worden gebruikt en gaf mobiliteitsadvies.

Goudappel helpt u graag op weg!

Meer weten over de mobiliteitstransitie en wat hierbij komt kijken?

Neem contact op